Boven en beneden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Met boven en beneden wordt aangeduid dat een punt zich verder of minder ver van het middelpunt van de aarde bevindt. Ongeveer synoniem zijn hoog en laag. Spreekt men van een beweging vanaf de aarde en naar de aarde, dan zegt men omhoog en omlaag of ook wel op en neer.

Bij een afbeelding of pagina tekst wordt meestal verondersteld dat deze verticaal wordt gehouden. Ook al ligt de pagina plat op tafel, de bovenkant is de plaats waar men begint met lezen. Spreekt men echter over de bovenkant van het papier, dan bedoelt men de toplaag.

Inhoud

[bewerken] Rivier

Bij rivieren is er een duidelijk verschil tussen de bovenloop (waar de rivier ontspringt) en de benedenloop (waar de rivier uitmondt).

Ook op gedeelten waar het verval van de rivier gering is (het wateroppervlak is dus vrijwel horizontaal), spreekt men van hoger en lager, van stroomopwaarts en stroomafwaarts.

Laat men zich met de stroom meedrijven, dan spreekt men van de rivier afzakken.

[bewerken] Wegen

In de verkeerskunde worden de termen benedenstrooms en bovenstrooms regelmatig gebruikt. Zo zal een file zich bij een knelpunt bovenstrooms opbouwen, terwijl benedenstrooms van het knelpunt het verkeer ongehinderd door kan rijden.

[bewerken] Wind

Dezelfde woorden worden ook gebruikt ten opzichte van de windrichting. Waar de wind vandaan komt is boven, waar de wind heen waait is beneden.

Men spreekt dan ook van de Bovenwindse eilanden en de Benedenwindse eilanden. Een hond kan een ander goed ruiken als hij zich boven de wind bevindt.

Een zeeman spreekt van de hoge en de lage oever. Wegvaren van een lage oever is moeilijk, doordat het schip steeds weer tegen het land wordt geblazen. Het schip is dan aan lager wal.

[bewerken] Verwarring

Soms worden de termen boven en beneden gebruikt in plaats van noord en zuid. Men denkt dan aan de ligging op een landkaart.

In principe onjuist, maar algemeen erkend is inmiddels in Nederland: boven en beneden de grote rivieren.

Soms leidt dit taalgebruik tot verwarring:

Een zin als "Bedum ligt onder Groningen" is correct, men bedoelt: onder de rook van Groningen, in de buurt van Groningen, en niet: ten zuiden van Groningen.

Soms hoort men ook zoiets als "We zakken de Rijn af tot we in Zwitserland zijn". Wie de Rijn afzakt zal nimmer in Zwitserland komen.

Een zin als "Het vliegtuig vloog boven Utrecht" kan op die manier dubbelzinnig zijn.

Persoonlijke instellingen
Boek maken