Geschiedenis van Gelderland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Geschiedenis van Nederland

Tijdlijn
Bibliografie

..Naar overzeese gebiedsdelen
..Naar voormalige koloniën

Inhoud

[bewerken] Steentijd

Het gebied dat tegenwoordig als de provincie Gelderland aangemerkt wordt, heeft een geschiedenis die teruggaat tot het Neolithicum. Met name restanten van nederzettingen langs de Maas, Waal en Rijn leveren heden ten dage nog steeds veel onderzoeksmateriaal, waaronder vuistbijlen en potscherven.

[bewerken] Bronstijd - ijzertijd

Met name in de omgeving van Nijmegen en Arnhem zijn sporen van bewoning aangetroffen uit zowel de bronstijd als de ijzertijd.

[bewerken] Romeinse periode

De oudste Romeinse resten zijn die van een grote castra op de Hunnerberg uit 15 v.C. Deze is slechts enkele jaren in gebruik geweest. Tussen 10 n.C. en 69 n.C. ontwikkelde Oppidum Batavorum zich tot een nederzetting van Gallo-Romeinse handwerkslieden, handelaren, ambtenaren en magistraten. De Bataafse nederzettingen bevonden zich ten noorden van de Waal bij Lent en Oosterhout, waar vele vondsten uit de Romeinse tijd zijn gedaan. Belangrijk is in dit verband de zogenoemde godenpijler, die door de Maastrichtse stadsarcheoloog Titus Panhuysen op 17 na Christus wordt gedateerd, wat overeenkomt met het beëindigen van de campagnes van Germanicus tegen de Cherusken. Uit deze zuil en de vondsten op de Kopse Hof kan worden geconcludeerd dat zich in Romeins Nijmegen een belangrijke Romeinse commandocentrale heeft bevonden. Tijdens de Bataafse opstand onder Julius Civilis werd de nederzetting samen met de praetorium op de Kopse Hof vernietigd.

Na de Opstand van de Bataven werd op de Hunnerberg Legio X Gemina pia fidelis gevestigd, dat uit vele vondsten bekend is. Langs de Waal ontstond een nieuwe nederzetting die van de Romeinse keizer Trajanus tussen 98 en 102 onder de naam Ulpia Noviomagus Batavorum stadsrechten kreeg dit zou het latere Nijmegen worden.

Zie Geschiedenis van Nijmegen voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

[bewerken] Middeleeuwen

Nijmegen was ook voor de Franken aanvankelijk een grensnederzetting, en ditmaal waren de Saksen en de Friezen de buren. Het fort kwam, zoals alle Romeinse legerplaatsen, later in handen van de Frankische koningen, en Karel de Grote nam in 770 de gelegenheid te baat op het Valkhof een palts (paleis) te bouwen. Het werd daarmee een aanzienlijk centrum van het Frankische Rijk. In 830 vond er bijvoorbeeld het overleg tussen Lodewijk de Vrome en de tegen hem rebellerende zoons plaats. De Noormannen namen echter de palts rond 880 in. Dit leidde tot de vernietiging ervan. De stad staat inmiddels bekend onder de naam Numaga. Keizer Frederik Barbarossa van het Heilige Roomse Rijk verving de palts omstreeks 1150 door een grote burcht. Hiervan resteren tegenwoordig nog twee kapellen, het overige deel van het complex werd in 1796 gesloopt.

Onder de Roomse koning Hendrik VII werd Nijmegen in 1230 Rijksstad, door de verlening van stadsrechten op basis van de rechten van de stad Aken. Dit betekende dat de stad een eigen stadsbestuur en eigen rechtspraak kreeg. Kort daarop, op 8 oktober 1247, kwam de Rijksstad met het Rijk van Nijmegen echter in Gelderse handen. Graaf Otto II van Gelre en Zutphen, kreeg de stad als onderpand van de armlastige Roomse koning Willem II (die tevens graaf van Holland was), en aangezien de lening nooit werd afbetaald, bleef Nijmegen voortaan Gelders.

Het werd een van de Gelderse hoofdsteden, de voornaamste van de vier. Kort na 1250 werd onder graaf Otto II de 7e-eeuwse Grote of Sint-Stevenskerk op het Kelfkensbos afgebroken en begon de bouw van de nieuwe Stevenskerk op de huidige locatie. Op 7 september 1274 werd het nieuwe godshuis door Albertus Magnus gewijd. In 1402 werd Nijmegen een hanzestad.

Zie Geschiedenis van Nijmegen voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

[bewerken] Hertogdom Gelre

De oorsprong van deze heerlijkheid ligt in drie plaatsen. Twee hiervan liggen bij de rivier de Niers, namelijk Geldern en Pont. Een derde, meer zuidelijk, is de stad Wassenberg aan de rivier de Roer. Hier ontving de eerste heer, Gerard van Antoing uit Henegouwen, in 1021 van keizer Hendrik II het land van Gelre. De eerste graaf is Gerard III van Wassenberg (1060-1129). Diens kleinzoon, Hendrik I (1131-1182) huwt Ermgard, dochter van Graaf Otto I van Zutphen, en verwerft zo het graafschap Zutphen (vanaf 1179). Zoon Otto I (1182-1206) is de eerste graaf van Gelre en Zutphen. Hij neemt deel aan de derde kruistocht. Geleidelijk breidt het Gelders gebied zich uit en in 1248 verwerft graaf Otto II wegens zijn hulp aan Rooms-Koning Willem II de rijksstad Nijmegen.

Gelre bestond toen uit vier kwartieren:

Aan de Gelderse gebiedsuitbreiding kwam onder Reinald I een einde met de Slag bij Woeringen in 1288. Reinald II huwde echter de zuster van Edward III, de koning van Engeland. Door diens bemiddeling wordt Gelre in 1339 door keizer Lodewijk van Beieren tot hertogdom verheven.

Zie Hertogdom Gelre voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

[bewerken] Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden

Met ingang van 1543 maakte Gelderland als Staten van Gelderland deel uit van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. De Staten van Gelderland werden door een stadhouder en later door een raadpensionaris vertegenwoordigd bij de Staten-Generaal.

[bewerken] Bataafse republiek

Zie Bataafse Republiek voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd in 1795 vervangen door de Bataafse Republiek.

[bewerken] Bataafs Gemenebest

Zie Bataafs Gemenebest voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De Bataafse Republiek werd in 1801 vervangen door het Bataafs Gemenebest.

[bewerken] Koninkrijk Holland

Zie Koninkrijk Holland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De Franse keizer Napoleon besloot in 1806 een eind te maken aan het Bataafs Gemenebest, omdat hij een sterk gezag wenste in de strategisch gelegen Nederlanden. Hij plaatste daarom zijn jongere broer Lodewijk Napoleon op de troon: door een familielid tot vorst te benoemen kon Napoleon toch invloed uitoefenen. Onder koning Lodewijk Napoleon, van 1806 tot 1810, maakte Gelderland als departement deel uit van het Koninkrijk Holland. Dit was alleen het gedeelte ten noorden van de Rijn, het gebied onder de Rijn, met onder andere Venlo en Roermond werd bij de provincie Limburg ingedeeld.

Zie Departementen van de Nederlanden voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

[bewerken] Koninkrijk der Nederlanden

Sinds 1814 maakt Gelderland als provincie deel uit van het Koninkrijk der Nederlanden.

De Provinciale Staten bestuurt de provincie vanuit het Provinciehuis te Arnhem, waarbij het dagelijks bestuur wordt gevormd door de Gedeputeerde Staten onder leiding van de Commissaris van de Koningin,

[bewerken] Tweede Wereldoorlog

Over de gebeurtenissen in de provincie Gelderland in de Tweede Wereldoorlog is veel te vertellen, de meeste indrukken maakte toch wel de Slag om Arnhem.

Zie Market Garden voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Persoonlijke instellingen
Boek maken
in andere talen