Ierland (land)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Éire
Ireland

Vlag van Ierland
(Details)

Wapen van Ierland
(Details)

Locatie van Ierland

Basisgegevens
Officiële landstaal: Iers, Engels
Hoofdstad: Dublin
Regeringsvorm: Republiek
Religie: katholiek 86.8%[1]
Oppervlakte: 70.273 km² [2] (2% water)
Inwoners: 4.239.848 (2006)[3]
4.203.200 (2009)[4] (59,8/km² (2009))
Overige
Volkslied: Amhrán na bhFiann
Munteenheid: euro (EUR)
UTC: +0
Nationale feestdag: 17 maart (St. Patrick's Day)
Web | Code | Tel. .ie | IRL | 353
Voorgaande staten
 Ierse Vrijstaat 1937 (Nieuwe grondwet)
Topografie

Kaart Ierland (Bron: CIA)

Satellietfoto


Reliëfkaart

Ladys View in County Kerry

Zie ook
Portaal:Landen & Volken   Portaal Landen & Volken

Ierland (Iers-Gaelisch: Éire, Engels: Ireland) is een Europees land dat ongeveer 80% van het eiland Ierland beslaat.

Om het land van dat eiland te onderscheiden wordt het vaak aangeduid als de Republiek Ierland (Poblacht na hÉireann in het Iers en Republic of Ireland in het Engels). Deze aanduiding heeft sinds 1949 de status van officiële beschrijving van het land. De officiële naam is, sinds 1937, kortweg Ierland.

Het land telt 4,15 miljoen inwoners (2008). In het noordoosten grenst de republiek aan Noord-Ierland, een deel van het Verenigd Koninkrijk, in het westen aan de Atlantische Oceaan, in het oosten aan de Ierse Zee en in het zuiden en zuidoosten aan de Keltische Zee en het Sint-Georgekanaal.

Het nationale symbool van Ierland is een Keltische harp, die ook op de Ierse euromunten afgebeeld staat. Maar ook wordt vaak de klaver (shamrock) gebruikt als nationaal symbool, onder meer door het nationale rugbyteam.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis

Zie Geschiedenis van Ierland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Na de onderdrukking van de Paasopstand (april 1916) begonnen Ierse vrijwilligers gegroepeerd in het Iers Republikeins Leger (Irish Republican Army, IRA) een guerrillastrijd tegen de Britten. De bezetting van Ierland door Groot-Brittannië werd onhoudbaar na het hoogtepunt van de gewelddadigheden met de The Burning of Cork in de nacht van 11 op 12 december 1920: nadat een compagnie van de Auxiliaries (divisie van Engelse ex-legerofficieren) in een hinderlaag van de Ierse vrijheidsstrijders was gevallen, brandde de bezettingsmacht grote delen van de stad Cork plat en schoten de Black and Tans (Engelse hulptroepen) inwoners zonder vorm van proces dood. Na jaren oorlog volgde er een wapenstilstand tussen de IRA en het Britse leger, met onderhandelingen als gevolg. Het zuidelijk deel van Ierland verkreeg praktisch onafhankelijkheid als Ierse Vrijstaat middels het Anglo-Iers verdrag op 6 december 1921. Noord-Ierland, waar veel protestantse migranten woonden die oorspronkelijk uit Schotland afkomstig waren en die loyaal bleven aan Groot-Brittannië, bleef Brits. Dit was niet enkel zo omdat hier meer protestanten woonden. Hier lagen en liggen nog steeds de belangrijkste havens van het eiland, Noord-Ierland was ook economisch het sterkste deel van het land. De Engelsen behielden daarmee het grootste deel van de economische 'rijkdommen' van het eiland.

De extremistische vleugel van de IRA onder Eamon de Valera weigerde echter akkoord te gaan met de 'deling' van Ierland in een Vrijstaat en een Brits Ulster. Het gevolg was een burgeroorlog van voor- en tegenstanders van de Vrijstaat. Uiteindelijk schikte Eamon de Valera in en legde hij zich neer bij de deling. Besprekingen tussen de Vrijstaat en Noord-Ierland in 1925 over een herziening van de landsgrens liepen op niets uit.

De Valera's partij Fianna Fáil trad in 1927 toe tot de regering van premier William Cosgrave. In 1932 werd De Valera zelf premier en in 1937 verklaarde hij Ierland onafhankelijk, maar hij riep niet de republiek uit. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef Ierland neutraal, maar achter de schermen werden de geallieerden geholpen. Zo'n 70.000 man schreef zich vrijwillig in om in Europa met het Britse leger mee te vechten. In 1948 werd De Valera tijdens verkiezingen verslagen en in 1949 werd de Republiek Ierland uitgeroepen. In 1951 werd de Valera opnieuw minister-president en in 1959 president van de republiek. In 1972 werd de bijzondere rol van de rooms-katholieke Kerk bij referendum afgeschaft. Op 30 mei 1973 werd de protestant Erskine Childers president, gevolgd door Cearbhall Ó Dálaigh (1974-1976) en Patrick Hillery (1976-1990).

Met steun van de sociaaldemocraten werd Mary Robinson - een onafhankelijke kandidaat - in 1990 tot president gekozen. In 1997 werd Mary McAleese president, en in 2004 werd haar ambtstermijn met 7 jaar verlengd. Er hadden zich voor de verkiezingen geen tegenkandidaten gemeld.

Ierland is sinds 1973 lid van de Europese Unie, maar is geen lid van de NAVO.

[bewerken] Geografie

[bewerken] Kerngegevens

  • Lengte van de grens met het Verenigd Koninkrijk (Noord-Ierland): 360 km
  • Langste rivier: Shannon
  • Hoogste punt: Carrantuohill, 1038 m
  • Munteenheid voor 2002: Ierse pond of punt (IEP). Na 2002: Euro.
  • Sinds 2005 wordt in de republiek de snelheid van het wegverkeer in kilometer per uur aangegeven, nadat al jaren de kilometer werd gebruikt om afstanden aan te geven. De hoogte van bergen daarentegen, wordt nog vaak in voet vermeld

[bewerken] Steden

  • Hoofdstad: Dublin (Iers: Baile Átha Cliath uitgesproken: baai ah-ha kliea)

Enkele grote steden zijn:

Zie ook:

[bewerken] Eilanden

[bewerken] Bestuurlijke indeling

Zie Graafschappen van Ierland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Historisch was Ierland verdeeld in 4 provincies (Ulster, Munster, Leinster en Connacht) die samen 32 graafschappen (counties) omvatten. Een deel van de provincie Ulster is nu Noord-Ierland. Deze provincies hebben geen betekenis voor het bestuur. De historische graafschappen (counties) hebben nog wel een betekenis. Van de 26 graafschappen die in de Republiek liggen, zijn Dublin en Tipperary inmiddels onderverdeeld in meerdere "bestuurlijke" graafschappen.

De steden Dublin, Cork, Limerick, Galway en Waterford hebben een eigen bestuur, los van het bestuur van het graafschap waarin de steden liggen. Andere plaatsen hebben slechts op een aantal onderwerpen een eigen bestuur.

[bewerken] Demografie

Tussen 1850 en 1950 daalde de Ierse bevolking van zeven miljoen tot minder dan drie miljoen, onder meer door de nasleep van de "Grote Hongersnood", waarbij miljoenen Ieren stierven van de honger of emigreerden. Intussen zijn er weer 4,2 miljoen Ieren [5].

[bewerken] Bezienswaardigheden

Ben Bulben berg, in de buurt van Sligo

[bewerken] Economie

Lange tijd was Ierland het armste land van West-Europa, waarvan de emigratie, waar Ierland om bekend stond, een symbool was. In de jaren '90 van de twintigste eeuw maakte Ierland echter een periode van hoge economische groei door (in de periode 1995-2000 werd een gemiddelde jaarlijkse economische groei van 9,9% gerealiseerd), waardoor Ierland anno 2006 het op één na rijkste land van de EU is (na Luxemburg) en het op drie na rijkste land ter wereld (na Luxemburg, Noorwegen en de Verenigde Staten). Ierland stond in de jaren '90 bekend als de Keltische Tijger, een term die verwijst naar de Aziatische Tijgers, die eerder een soortgelijke spectaculaire groei meemaakten.

De Ierse economie is in de jaren '90 veranderd van een economie die georiënteerd was op landbouw in een dynamische exporteconomie die georiënteerd is op de export van hightech producten en diensten. Vooral computers zijn een belangrijk exportproduct en veel Amerikaanse bedrijven, waaronder Dell en Intel, hebben hun Europese vestigingen in Ierland gevestigd. Deze bedrijven stonden aan de basis van de hoge economische groei die in de jaren '90 begon. Ook in 2005 groeide de economie hard, met een groei van 5%. Diensten vormen 49% van het bruto binnenlands product, de industrie 46% en de landbouw 5%.

Het geheim van de economische opleving zijn naast de lage belastingen voor buitenlandse ondernemingen (zo is er bijvoorbeeld geen belasting op royalty’s), de zogenaamde "pay-pacts", en de toegankelijkheid van het Ierse onderwijs. Overeenkomsten tussen overheid, vakbonden en het bedrijfsleven over de arbeidsomstandigheden, waaronder gereglementeerde loonontwikkeling voor drie jaar. Dit doet sterk denken aan het Nederlandse poldermodel van de kabinetten Kok en is een voortzetting van het corporatistisch gedachtegoed dat rond de Tweede Wereldoorlog opgang deed. Ook de afschaffing van collegegeld in begin jaren '80 zorgde ervoor dat Ierland relatief veel hoog opgeleide werknemers had. De arme positie van Ierland in de jaren 80 zorgde er ook voor dat het gemiddelde loon vergeleken met andere Europese landen zeer laag was. Ierland was dus aantrekkelijk voor Amerikaanse bedrijven omdat het een Engelstalig land binnen de Europese economische ruimte was, die hoog opgeleide en goedkope arbeidskrachten kende, met ook nog de nodige belastingvoordelen.

[bewerken] Bekende Ierse producten en bedrijven

[bewerken] Politiek

Ierland is een parlementaire democratie. Het parlement Oireachtas bestaat uit de Dáil en de Seanad. De Dáil, vergelijkbaar met de Kamer van Volksvertegenwoordigers in België en de Tweede Kamer in Nederland, wordt rechtstreeks gekozen door alle inwoners van de Republiek die de Ierse of de Britse nationaliteit bezitten. (Het Verenigd Koninkrijk en Ierland hebben een akkoord waarmee burgers in beide landen mogen stemmen.) De Dáil bestaat uit 166 leden, de zogenaamde Teachtaí Dála of TD's.

Ierland kent een kiessysteem waarbij het land verdeeld is in meervoudige kiesdistricten. In ieder district worden dus meerdere kandidaten gekozen. De kiezers kunnen bij het uitbrengen van hun stem aangeven welke kandidaat hun eerste voorkeur heeft, welke hun tweede, enzovoort, tot bij alle kandidaten een voorkeur is aangegeven. De kiezer heeft een enkelvoudige overdraagbare stem.

De Seanad bestaat uit 60 leden, de zogenaamde senatoren. Zij worden niet rechtstreeks verkozen. Elf van deze leden worden voorgedragen door Taoiseach (in de praktijk benoemd hij hen), zes leden worden gekozen door de afgestudeerden van de universiteiten. 43 leden worden gekozen door speciale panels, samengesteld naar beroepsgroep.

De President: Mary McAleese, sinds 11 november 1997 (sinds 2004 bezig aan haar tweede termijn van 7 jaar) wordt rechtstreeks gekozen. Anders dan bij de verkiezingen voor de Dail kunnen alleen inwoners van de Republiek die de Ierse nationaliteit hebben deelnemen aan die verkiezing.

Politieke Partijen in Ierland zijn:

Zie ook:

[bewerken] Verkeer en vervoer

Er zijn bootverbindingen met het Verenigd Koninkrijk , een aantal Kanaaleilanden en met Frankrijk.

Luchthavens in Ierland zijn Dublin International Airport, Cork International Airport en Shannon International Airport.

Treinvervoer wordt geregeld door Iarnród Éireann, binnen Dublin door de Dublin Area Rapid Transit.

Het Ierse tramnet is tamelijk beperkt. Alleen Dublin kent een tramnetwerk, die door Luas wordt geëxploiteerd. Het netwerk bestaat uit 2 lijnen, rood en groen, die voornamelijk het zuiden van de stad bedienen. De rode lijn loopt van Connolly Station naar Tallaght. De groene lijn gaat van Stephen's Green naar Sandyford.

Busvervoer is in handen van Bus Éireann: het netwerk van stadsbussen in Dublin wordt uitgebaat door Dublin Bus.

Officieel is Ierland in 2004 overgestapt op het metrische systeem. Verkeersborden geven nu de afstand in kilometers. Er zijn, zeker op het platteland, echter nog veel oude borden met de afstand in mijlen. In steden als Dublin zijn die borden zeldzaam, maar ook daar zijn er nog .

[bewerken] Media

Ierse kranten zijn o.a. de

Ierse televisiezenders zijn o.a.:

Ierse radiozenders zijn o.a.:

[bewerken] Beroemde Ieren

Zie de sectie Beroemde Ieren in het artikel over de Ieren.

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe links

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

:wikt:Ierland

Persoonlijke instellingen
Boek maken
in andere talen