Kabinet-Balkenende I

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

(Doorverwezen vanaf Kabinet Balkenende I)
Ga naar: navigatie, zoeken
Kabinet-Balkenende I
Afbeelding:ZetelsBalkenendeI.svg
Coalitie CDA, LPF, VVD
Zeteltal TK 43 + 26 + 24 = 93
Premier Jan Peter Balkenende
Beëdiging 22 juli 2002
Demissionair 16 oktober 2002
Ontslagdatum 27 mei 2003
Voorganger Kok II
Opvolger Balkenende II
Overzicht kabinetten

Het kabinet-Balkenende I was het Nederlandse kabinet dat op 22 juli 2002 aantrad en 86 dagen later viel, op 16 oktober 2002. Het was daarmee het kortst zittende kabinet sinds de Tweede Wereldoorlog, en sinds het kabinet-Colijn V dat slechts 16 dagen regeerde (25 juli - 10 augustus 1939).

Na dit kabinet zouden nog meerdere kabinetten volgen met Jan Peter Balkenende als premier. Een belangrijk verschil in samenstelling met de latere kabinetten Balkenende II, Balkenende III en Balkenende IV was de deelname van de Lijst Pim Fortuyn (LPF), een nieuwe politieke partij die bij de Tweede Kamer-verkiezingen in 2002 een grote electorale zege had geboekt en daarom regeringszetels opeiste, maar vervolgens zorgde voor onenigheid en verwikkelingen die een sterk stempel drukten op dit kabinet, dat hierdoor geen lang leven beschoren bleek (zie onder Verloop).

Inhoud

[bewerken] Totstandkoming

Tijdens de verkiezingen van 15 mei 2002 behaalde de nieuwe partij Lijst Pim Fortuyn 26 zetels en werd daarmee de tweede partij van Nederland. Koningin Beatrix benoemde op 17 mei 2002 CDA'er Piet Hein Donner, lid van de Raad van State, tot informateur. De formatie zou uiteindelijk 67 dagen duren. Na aanvankelijke terughoudendheid van de VVD, die als voormalig regeringspartij aanzienlijk verlies had geleden tijdens de verkiezingen, sloten VVD, CDA en LPF een strategisch beleidsakkoord. Jan Peter Balkenende, lijsttrekker van het CDA, werd op 4 juli benoemd tot formateur en werd premier van het kabinet-Balkenende, dat op 22 juli werd geïnstalleerd.

Het kabinet telde 14 ministers (CDA 6, LPF 4, VVD 4) en 14 staatssecretarissen, waaronder een minister zonder portefeuille - de Minister voor Vreemdelingenbeleid en Integratie, Hilbrand Nawijn - die onder het Ministerie van Justitie viel. Ook Ontwikkelingssamenwerking kreeg een bijzondere status. Anders dan voorheen werd deze portefeuille niet meer vervuld door een minister (in casu minister zonder portefeuille), maar door een staatssecretaris, zij het met de bevoegdheid zich in het buitenland als minister te presenteren.

[bewerken] Verloop

Binnen acht uur na installatie van het kabinet trad de eerste bewindspersoon, staatssecretaris Philomena Bijlhout, af. Zij kwam in opspraak toen bekend werd dat zij langer dan eerder door haar aangegeven, deel had uitgemaakt van de volksmilitie van Desi Bouterse in Suriname. Pas op 9 september 2002 werd zij vervangen door een nieuwe LPF-kandidaat, Khee Liang Phoa.

De periode daarna kenmerkte zich door onrust binnen de LPF. Aanvankelijk fractievoorzitter Mat Herben maakte plaats voor Harry Wijnschenk, die voor eenheid en stabiliteit moest zorgen. Interim-partijvoorzitter Ed Maas probeerde het partijbestuur en de landelijke organisatie op orde te krijgen. Intussen leidde vrijwel elke confrontatie van een LPF'er met de pers tot opmerkelijk nieuws. Bewindslieden lanceerden onuitgewerkte ideeën en werden daarvoor door de premier op het matje geroepen. Er ontstond een machtsstrijd tussen leden van het partijbestuur, de fractie en het kabinet.

Op 15 oktober 2002 werd tijdens een kabinetsoverleg duidelijk dat een conflict tussen LPF-ministers Eduard Bomhoff en Herman Heinsbroek tot een onhoudbare situatie leidde. Uit piëteit met de koningin - Prins Claus was die dag bijgezet in de Nieuwe Kerk te Delft - werd hervatting van de vergadering uitgesteld tot de volgende dag.

Op 16 oktober 2002 kondigde eerst minister Eduard Bomhoff en vervolgens Herman Heinsbroek zijn ontslag aan. Fractievoorzitter Harry Wijnschenk werd afgezet en vervangen door oud-fractievoorzitter Mat Herben. Volgens de eerste officiële lezingen zegde Fractievoorzitter Gerrit Zalm van de VVD vervolgens het vertrouwen in de LPF en het kabinet op en leidde daarmee de val van het kabinet in (de LPF-crisis).

Mat Herben beweerde later echter dat het initiatief was uitgegaan van CDA-fractieleider Maxime Verhagen. Verhagen bevestigde dit in april 2006 en gaf hier voor als verklaring dat LPF-fractievoorzitter Wijnschenk op de dag van zijn afzetting de werkkamer van Verhagen was binnengestormd omdat hij zou zijn bedreigd met een vuurwapen.

Premier Balkenende diende dezelfde dag, na de kamer geïnformeerd te hebben, schriftelijk het ontslag van het kabinet in bij de koningin, wegens onvoldoende basis voor verdere vruchtbare en duurzame samenwerking binnen de coalitie.

Op 12 december trad Benk Korthals, die in het kabinet-Kok II minister van justitie was geweest, af als demissionair minister van defensie wegens de conclusies van de parlementaire enquêtecommissie Bouwnijverheid. Zijn portefeuille werd waargenomen door demissionair minister van VROM Henk Kamp.

Achteraf bezien is een van de meest opmerkelijke beslissingen van dit kabinet de politieke steun aan de invasie van Irak. Temeer daar dit in de periode dat dit kabinet demissionair was is gebeurd.

[bewerken] Samenstelling

Het kabinet bestond uit de volgende ministers en staatssecretarissen:

[bewerken] Ministers

Minister-President, minister van Algemene Zaken Jan Peter Balkenende CDA
Viceminister-President Eduard Bomhoff LPF afgetreden 16 oktober 2002
Johan Remkes VVD
Roelf de Boer LPF vanaf 18 oktober 2002
Minister van Buitenlandse Zaken Jaap de Hoop Scheffer CDA
Minister van Justitie Piet Hein Donner CDA
Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie Hilbrand Nawijn LPF
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Johan Remkes VVD
Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap(pen) Maria van der Hoeven CDA
Minister van Financiën Hans Hoogervorst VVD
Minister van Defensie Benk Korthals VVD afgetreden 12 december 2002
Henk Kamp VVD vanaf 12 december 2002
Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer Henk Kamp VVD
Minister van Verkeer en Waterstaat Roelf de Boer LPF
Minister van Economische Zaken Herman Heinsbroek LPF afgetreden 16 oktober 2002
Hans Hoogervorst VVD vanaf 16 oktober 2002
Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij Cees Veerman CDA
Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aart Jan de Geus CDA
Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Eduard Bomhoff LPF afgetreden 16 oktober 2002
Aart Jan de Geus CDA vanaf 16 oktober 2002

[bewerken] Staatssecretarissen

(**) Mag in het buitenland de titel minister voeren

[bewerken] Kabinetsformatie

De kabinetsformatie verliep als volgt:

  • Tweede Kamerverkiezingen: 15 mei 2002
  • Beëdiging kabinet: 22 juli 2002
  • Duur formatie: 67 dagen
  • Informateurs: Piet Hein Donner (CDA), 49 dagen
  • Formateur: Jan Peter Balkenende (CDA), 18 dagen

[bewerken] Zie ook

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken
in andere talen