Recht van interpellatie
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Het recht van interpellatie is een recht van de Staten-Generaal. Het recht van interpellatie is één van de vier rechten die vallen onder de controlerende taak van de Staten-Generaal.
Voor discussies hebben de leden van de Staten-Generaal het recht van interpellatie. Dat is een uitnodiging tot debat aan een minister. Een debat gaat alleen door als 30 leden van de Kamer hier toestemming voor geven– meestal is dat wel het geval. Tijdens een debat kunnen kamerleden moties indienen. Een motie is een oordeel over het beleid of een verzoek. Over een motie wordt altijd gestemd, maar zelfs als de motie een meerderheid haalt, is de minister niet verplicht zich er iets van aan te trekken. Alleen een motie van wantrouwen heeft verstrekkende gevolgen. Met zo’n motie zegt de Kamer haar vertrouwen in de bewindspersoon op, de minister (of staatssecretaris) moet vervolgens opstappen. Een motie van wantrouwen wordt maar zelden ingediend en nog minder vaak met meerderheid van stemmen aangenomen. Een bewindspersoon wordt in het algemeen gesteund door de coalitie (de regeringspartijen) en die hebben een meerderheid in de Kamer.
