Scheiding der machten
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Het staatsgezag vindt zijn beslag bij de organen die hiertoe gemachtigd zijn. Men wilde voorkomen dat de ene macht inwerkte op de andere en voerde daarom de scheiding der machten in.
[bewerken] Horizontale scheiding der machten
Hiermee bedoelt men een verdeling van de macht volgens Montesquieu in wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht, die nooit bij één en dezelfde persoon of instantie mogen berusten. Zie verder trias politica.
[bewerken] Verticale scheiding der machten
Deze verticale scheiding vloeit niet direct voort uit de theorie van Montesquieu, maar volgt deze wel.
Zij houdt in dat de spreiding van bevoegdheden over de hogere en lagere overheden (decentralisatie) ook volgens de regels van de trias politica geschiedt. De regelende bevoegdheid van de overheid is bijvoorbeeld overgedragen aan provincies, waterschappen en gemeentes omdat niet alles door de centrale overheid tot in detail geregeld kan worden. In het verleden werd de autonomie van de verschillende bestuurslagen vooropgesteld. Dit noemt men de driekringenleer. Tegenwoordig is de scheiding van de horizontale bestuurslagen minder streng en is er dikwijls sprake van samenwerking [1]
[bewerken] Voetnoten
- ↑ Nota De organisatie van het Openbaar bestuur, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid over scheiding van de bestuurslagen.
